Kloas Annink, ook wel Huttenkloas genoemd, was een berucht en gevreesd man. Hij smokkelde gestolen kuddes, drank en werktuigen over de grens om deze daar te verkopen. Hij schroomde er niet voor om iemand die hem tegenwerkte of wilde aangeven uit de weg te ruimen.
Toen in 1774 een kousenkoopman uit Hannover niet van de Goorse wintermarkt huiswaarts keerde, ging diens vader op onderzoek uit. Hij vond overtuigende bewijzen dat Klaas Annink voor de verdwijning verantwoordelijk was.
Huttenkloas werd daarop gearresteerd en enkele maanden vastgehouden in een speciaal daarvoor vervaardigde stoel. Dit omdat de man zo groot en sterk was dat niemand hem durfde te transporteren.
Gewelddadige overvallen zijn van alle tijden. Een roofmoord, waarbij het doden van het slachtoffer doelbewust onderdeel uitmaakt van het plan, is een lugubere uitzondering. Weerzinwekkende moorden blijven lang hangen in het collectieve bewustzijn. Zo is het Huttenkloas ook vergaan. Samen met zijn zoon Jannes en zijn vrouw Aarne behoort Huttenkloas in Twente tot de laatste criminelen die ter dood veroordeeld zijn. Op 13 september 1775 was het volk in en rond Oldenzaal toegestroomd om de voltrekking van het doodvonnis op het galgenveld te aanschouwen.
Klaas Annink werd in 1710 geboren in een plaggenhut of
grondhut in de marke Bentelo, vandaar de naam "Huttenkloas".
Onder deze allerarmsten was diefstal en smokkel een geoorloofd
middel van bestaan.
De brutale roofpartijen van Klaas Annink lopen uiteindelijk uit
op gruwelijke moordpartijen. Het slachtoffer wordt met een bijl
de schedel ingeslagen.
Tot op de dag van vandaag worden er in de omgeving van Hengevelde nog verhalen over Huttenkloas verteld. Ook is er veel over geschreven. NIet alle verhalen zijn even betrouwbaar. In verband met de armoede wordt de struikrover soms vergeleken met Robin Hood.